Vanne Vannede van Booktastic


3/5

Peter en Monica reizen terug naar België waar zij hun leven proberen op te pakken. Maar de Blonde Demon huist nog steeds in Peter, Monica loopt nog steeds gevaar als de vrouw die de redder van de wereld zou kunnen baren, en de strijd van de goden onderling lijkt nog niet te zijn gesust. Goden, mythen, geesten en demonen voeren de strijd rond Peter en zijn vrouw in dit tweede deel van Kukulkans Meesterplan.

Het Verhaal
Nu Peter en Monica elkaar gevonden hebben in Chili en besloten hebben om terug te keren naar Peters geboorteland, is het noodzaak om een tijdelijk verblijfadres te vinden. Na enkele telefoontjes blijkt dat Peter en zijn kersverse Coya-vrouw terecht kunnen bij een ex-buurvrouw van Peters ouders. Deze Frieda maakt totaal geen probleem van hun komst en introduceert hen aan Freya en Tom. Samen met de kinderen van Frieda en hun nieuwe vrienden introduceert Peter Monica aan het Belgische leven. Maar Tom en Freya blijken al duizenden jaren oud. Freya, de godin van de vruchtbaarheid, en Tom, de stamvader van de weerberen, vertellen Peter over een eeuwenoude strijd tussen de goden. Een chaos waarbij haast niemand de raad van de wijze goddelijke slang Kukulkan leek op te volgen.

De Liefde
De momenten tussen Peter en Monica zijn vertederend, zoals het sneeuwballen gevecht dat aan het begin van het boek plaatsvindt. Wederom is de liefde tussen Peter en Monica een groot thema in het boek en werkt het verhaal naar de verwachte climax: de verwekking van het kind. Het is daarmee een mooie voortzetting van het eerste deel, waarbij hindernissen en obstakels de twee tergde en overwonnen moesten worden, inclusief de emoties en innerlijke demon van Peter.
De setting verandert van het verre Zuid-Amerikaanse Chili naar het ons meer bekende België, maar de Zuid-Amerikaanse en Coya invloeden blijven goed herkenbaar gedurende het gehele boek. Het is leuk om te lezen hoe Peter en Monica allerlei culturele aspecten vanuit de Belgische samenleving interpreteren in een Coyaans-gedachten frame. Gewoontes uit de Belgische maatschappij worden vergeleken met de Zuid-Amerikaanse, en Europese goden worden in verband gebracht met de Coya traditie en ideeën over de creatie van de wereld.
Rijk Taalgebruik
In De Jaguarkrijger liet Peter al zien dat hij een rijk vocabulaire bezit en dat zet hij in dit tweede deel voort. Veel mooie zinnen, een verscheidenheid aan woorden om situaties te schetsen en te beschrijven, en verfijnd taalgebruik worden afgewisseld met wat plattere termen waardoor de karakters ieder hun eigen unieke identiteit krijgen.

“Wees voorzichtig, oude gek, deze inbreuk op het protocol kan je je zitje in de raad kosten en in het slechtste geval je lelijke kop!” (blz. 22. Monica)

Hierboven een voorbeeld van een prachtig dreigement door Monica. Peter trakteert de lezer ook op een taalkundige vorm van humor.
“Haar heksenbrouwsel werkte echt: een paar minuten later sloeg zijn kater op de vlucht.” (blz. 61)
Cultuur en Fictie
Zoals in het vorige deel is ook dit boek vol informatie over bovennatuurlijke verschijnselen en geloof en bijgeloof. En deze overvloedige informatie over goden uit verschillende culturen en hoe zij in elkaars cultuur kunnen worden geïnterpreteerd kan soms wat verwarrend zijn voor diegene die zich nooit zo verdiept heeft in deze culturele fenomenen. Wederom is de realiteit met de fantasie van Peter verweven, en kunnen alle karakters en genoemde goden en mythen wat overweldigend werken op de lezer.
Veel van de acties van de karakters worden vertelt door anderen of weergegeven in flashbacks. Dat maakt dat de gebeurtenissen ietwat passief worden weergegeven. Wellicht dat hierdoor ook veel potentiële actie scènes die zouden kunnen toevoegen aan de spanning van het verhaal blijven liggen:
“De drie kwamen op Tom af en het duurde niet lang of ze lagen bewusteloos op de grond.” (blz. 57)
Scènes tussen Peter en Monica worden afgewisseld met flashbacks uit het verleden en acties tussen verschillende goden. Ieder lijkt een eigen doel na te streven, maar dat Kukulkan een grote rol speelt in hun onderlinge problemen is al snel duidelijk. De verscheidenheid aan karakters, en de veelal op elkaar lijkende namen – of moderne namen voor eeuwenoude karakters of uitzonderlijke namen voor zeer moderne karakters – maken het boek één waarbij je goed je aandacht erbij zal moeten houden. Net als deel 1, niet een snelle oppikker om gedachteloos weg te lezen.
De Weerbeer is wederom een uniek werk in de Nederlandstalige fantasie categorie. Met de Coya cultuur, goden, geesten en demonen wijkt het af van de velen fantasie werken die wij al kennen. Voor diegene die het zich afvroegen: Ja, het boek bevat zelfs magische zwaarden én draken. Een fantasie in België zoals je niet eerder gelezen hebt.

Statistieken

Bezoeken laatste 7 dagen: 28

Totaal aantal bezoeken: 78535

Zoekmachine verwijzingen: 151